Fluoban zet deuren open voor slimmere verlichting
De verlichtingsmarkt is in volle evolutie. Onder meer door het verbod op de Europese productie van fluorescentielampen, kiezen installateurs en eindklanten vaak voor led-oplossingen, die idealiter geïntegreerd zijn in een systeem van geconnecteerde verlichting. “Ook Human Centric Lighting en de integratie van Power over Ethernet-oplossingen zullen zich in de toekomst zeker verder ontwikkelen”, verduidelijken Karine Degreve en Sofie Malfait van Cebeo.

Het verbod op de productie van fluorescentielampen in Europa is het gevolg van twee richtlijnen van de Europese Commissie. “De RoHS-richtlijn 2011/65/EU (Restriction of the use of Hazardous Substances) is er vooral gekomen om het gebruik van kwik in lichtbronnen te verbieden”, legt Sofie Malfait, Product Manager Technical Lighting & Lights, uit. “Sinds 25 februari 2023 mogen producenten niet langer compact fluorescentielampen met steeklampvoet (CFLni) maken. Op 25 augustus 2023 is daar het verbod op de fabricage van T5- en T8-fluorescentielampen bijgekomen. Daarnaast is er de SLR-richtlijn (Single Lighting Regulation), die verplicht om elektrische en elektronische apparatuur zo energie-efficiënt mogelijk te produceren.”
De opgebouwde voorraad die er nu nog is, mag wel nog worden verkocht. “Vanuit onze ‘Green & Smart’-identiteit heeft Cebeo ervoor gekozen om, in de periode voorafgaand aan het productieverbod, niet meer te investeren in een voorraad van dergelijke items. Dat is cruciaal met het oog op de toekomst.”

“Light management laat de creatie van verschillende sferen toe, met veel variatiekeuze op vlak van kleurintensiteit en -temperatuur.”
Karine Degreve
Snelle terugverdientijd
Soms kiezen installateurs nog om de fluo-tubes te vervangen door led-tubes, wegens hun lager verbruik en hun langere levensduur. Toch is dat op termijn geen duurzame oplossing. “Terwijl fluo-tubes een stralingshoek van 360° hebben, is dat bij led-tubes 180° of meer”, verklaart Karine Degreve, Category Manager Lighting, Data & Building Automation. “Bovendien kan je een TL-tube niet altijd vervangen door een led-tube, vooral in de toestellen met reflector. Dan switch je toch beter naar een nieuw led-toestel. Voor explosieveilige armaturen mogen die led-tubes al helemaal niet, want daar vervalt de garantie van de explosieveiligheid als je de armatuur opent. In dat geval opteer je beter sowieso voor explosiebestendige ATEX led-armaturen.”

Light management
De combinatie van led-armaturen met oplossingen voor lichtmanagement, kan een energievoordeel tussen 50% en 80% opleveren, weet Karine Degreve. “Met dergelijke systemen kan je trouwens verschillende sferen gaan creëren, met variatiemogelijkheden op vlak van kleurintensiteit en -temperatuur. Ook bewegingssensoren spelen daarbij een belangrijke rol. Een goed voorbeeld is de verlichtingsaansturing in gangen van openbare gebouwen, zoals woonzorgcentra. Als sensoren aangeven dat er niemand in de gangen is, kan je de intensiteit laten zakken tot pakweg 10%. Is er wel beweging, dan kan je de intensiteit optrekken tot 100% (overdag) of 60% (’s nachts).”
Dat kan ook meteen als voorbeeld gelden van Human Centric Lighting, waarbij je de lichtkleur en -intensiteit kan aanpassen aan het menselijke bioritme. “Zeker in gebouwen zonder inval van daglicht, kan je dat gaan toepassen. Dan opteer je ’s morgens voor meer wit licht, om naar de avond toe de intensiteit te verminderen en een warmer licht te gaan creëren. Op die manier kan het menselijk lichaam zich beter aanpassen aan de periode van de dag.”
“Doorgaans heeft een investering in een energiezuinig alternatief zich binnen de twee jaar terugverdiend.”
Sofie Malfait
ROI-studie
De keuze aan smart lighting-systemen is tegenwoordig erg groot. “Elke producent heeft wel zijn eigen protocol, zoals Bluetooth, Zigbee, Wi-Fi, DALI of Casambi”, stipt Karine Degreve aan. “DALI leent zich doorgaans het best voor integraties in nieuwbouwrealisaties. Casambi is dan weer een vrij open protocol, dat ook met Bluetooth werkt. Het vergt minder bekabeling dan DALI, is ook iets prijsgunstiger en wordt, net als de andere protocollen, vaak gebruikt bij renovatieprojecten in kleinere gebouwen.”
“We beseffen dat het voor de installateur niet altijd eenvoudig is om de juiste oplossing te kiezen”, zegt Sofie Malfait. “Zeker voor projecten in de tertiaire markt is het daarom een aanrader om te rekenen op de ondersteuning van één van onze bijna 60 verlichtingsspecialisten. Zij kunnen een ROI-studie (return on investment)maken, die ook een goed beeld geeft over de terugverdientijd. Doorgaans heeft een investering in een energiezuinig alternatief zich binnen de twee jaar terugverdiend. Dat komt door het hogere comfort, het gebruiksgemak en de uitgebreide mogelijkheden om alles te monitoren.”
“Ook om andere redenen is de expertise van lichtspecialisten een pluspunt”, vult Karine aan. “De verlichting in tertiaire gebouwen moet beantwoorden aan vrij strenge normen. Op basis van ons advies kan de installateur de beslissing over de verlichtingskeuze nemen, rekening houdend met het beschikbare budget en bepaalde wensen van de eindklant.”

Power over Ethernet
Op termijn verwacht Karine Degreve ook de opmars van Power over Ethernet (PoE) in de verlichtingsmarkt. “Daarbij kan je stroom leveren én data sturen over een standaard ethernetkabel. Het zijn vrij eenvoudige installaties, die dankzij de data een beter gebouwbeheer faciliteren én op die manier ook kunnen helpen om de CO2-balans van een pand te optimaliseren. Stel: je reserveert een vergaderruimte. Dan treden de verlichting en de verwarming van die ruimte automatisch in werking kort voor de vergadering start, tot ze gedaan is. Het is een heel geschikte manier om energie te besparen. Bovendien is er geen sprake van elektromagnetische interferentie. PoE werkt met RJ45-connectoren. Er zit geen driver in de apparaten, waardoor het toestel niet opwarmt en zelf dus ook minder energie consumeert. Sommige leveranciers zijn al volop bezig met de ontwikkeling en productie van PoE-oplossingen.”
Green Offer
Cebeo zet zijn duurzaamheidsfocus sinds dit jaar kracht bij met het Green Offer van Sonepar, de familiegroep waartoe Cebeo behoort. “Het Green Offer is een ecologische wereldprimeur, waarbij we een strenge methodiek hanteren om alle producten te evalueren op basis van hun CO2-emissie gedurende hun integrale levensduur: startend bij de productie, tot en met de eventuele vernietiging”, duidt Sofie Malfait.
“Die aanpak is gevalideerd door het onafhankelijk keuringsorgaan Bureau Veritas. Voor Green Offer hebben we pilootprojecten opgezet met leveranciers, die ons alle beschikbare data over hun producten aanleveren. Op basis daarvan kunnen we aan de artikelen een A-, B- of C-label toekennen. Cebeo is de eerste elektrodistributeur in België die daarop inzet.”
We verwachten dat zo’n eco-score in de toekomst aan belang zal winnen bij aanbestedingen en onder meer zal worden opgenomen in de lastenboeken van projecten. “Vermoedelijk zullen steden en gemeenten daarbij het voortouw nemen, waardoor die aanpak op termijn nog veel beter ingeburgerd zal raken. Op die manier zal niet alleen de prijs doorslaggevend zijn, maar zullen ook groene criteria steeds sterker op de voorgrond treden”, besluit Karine Degreve.



